nieuws

Facultatieve
Sponsors

Grafkosten verschillen en stijgen méér dan brancheonderzoek laat blijken

1 april 2011


Het gisteren door de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB) gepubliceerde onderzoek naar de stijging van grafkosten in Nederland vertekent de realiteit, doordat onder andere selectief naar kostenposten is gekeken. Onderzoek van ’s lands grootste uitvaartorganisatie DELA geeft een ander beeld.

Volgens de LOB zijn grafkosten in Nederland vorig jaar gemiddeld met ‘slechts’ 3,5% ‘alleszins acceptabel’ gestegen. Doordat het LOB-onderzoek belangrijke kostenposten, zoals onderhoud en graf delven niet meeneemt, ontstaat een vertekend beeld. Dat geldt ook voor de presentatie van de cijfers, waarin wordt uitgegaan van kosten per jaar. In werkelijkheid betalen nabestaanden deze kosten eenmalig vooruit. Daarnaast neemt de LOB informatie die haar bekend was, niet op in haar overzichten. Zo zijn er gemeenten die een grotere verhoging hebben doorgevoerd dan vermeld staat en evenmin wordt melding gemaakt van gemeenten die de verhoging stapsgewijs doorvoeren. Bij het noemen van de duurste gemeente baseert de LOB zich weer op verouderde informatie. Martin Kersbergen van DELA: “De LOB zegt transparantie te willen bevorderen, maar door ‘window dressing’ heeft de LOB de onduidelijkheid omtrent de tarieven alleen maar vergroot.”

Platteland duurder dan Randstad
Cijfers van coöperatie DELA –met drie miljoen leden uitvaartmarktleider- zijn genuanceerder en tonen enorme verschillen aan, tot duizenden euro’s tussen (buur)gemeenten. Deze verschillen zijn lang niet altijd te verklaren uit verschillende grondprijzen. Zo zijn de kostendekkende tarieven van veel gemeenten in de Randstad lager dan menig plattelandsgemeente. Dat komt vooral doordat gemeenten verschillende methoden hanteren om de grafkosten (waarop zij geen winst mogen maken) te berekenen. Daarnaast valt niet uit te sluiten dat gemeenten de kosten van inefficiency óók bij de consument in rekening brengt. Het mag in de optiek van DELA niet zo zijn dat de keuze voor begraven of cremeren gebaseerd moet worden op kosten, maar uit onderzoek dat al uit 2008 dateert, blijkt dat 65% van de Nederlanders denkt dat dit wel een rol gaat spelen.

Transparantie nu echt afdwingen
DELA pleit al jaren voor meer transparantie als het gaat om grafkosten en betreurt de gekleurde voorstelling van zaken die de LOB geeft. Gemeenten moeten een uniforme rekenmethode gebruiken voor het vaststellen van hun tarieven. Dat is nog niet het geval en daardoor blijft de –ook door de Tweede Kamer geëiste- duidelijkheid een wensdroom. Daarnaast verwacht DELA dat gemeenten met hoge tarieven leren van gemeenten die tegen lagere tarieven kostendekkend kunnen werken. Namens haar drie miljoen leden vraagt DELA dat rijksoverheid en gemeenten nu echt werk maken van het afdwingen van transparantie. Dat is niet alleen goed voor een sector waarin jaarlijks tientallen miljoenen omgaan, maar ook en vooral voor duizenden nabestaanden die nu worden geconfronteerd met een financiële problematiek in een periode waarin zij al hun aandacht zouden moeten kunnen besteden aan rouwen, verwerken en verder gaan. Om deze reden vraagt DELA aandacht van pers, politiek en publiek. De grafkostenproblematiek kan eenvoudig worden opgelost, maar daar is maatschappelijke aandacht voor nodig.


Over DELA
Zo’n 200 vestigingen, 1.700 medewerkers en meer dan 3 miljoen verzekerden maken de coöperatie Draagt Elkanders Lasten (DELA) marktleider in de Benelux. DELA helpt mensen al bijna 75 jaar tegen een eerlijke prijs met repatriëring, opvang, begrafenis, crematie, nazorg en financiële diensten op deze terreinen. Het is DELA’s ambitie dat haar leden en hun nabestaanden de toekomst zo zorgeloos mogelijk tegemoet kunnen zien. Nabestaanden waarderen de dienstverlening met een negen. DELA heeft het Keurmerk Uitvaartzorg, het keurmerk Privacy Waarborg en het Keurmerk Klantgericht Verzekeren.

Om bezoekers zo snel mogelijk naar de juiste plek te helpen hebben we een eenmalige vraag:

Heeft u op dit moment een uitvaartondernemer nodig?

JA NEE