Eigendom graf en wetswijziging 1991


30 december 2009

Vraag nummer: 7171  (oude nummer: 14657)

Vroeger (jaren1928-1950) was het gewoon om een graf te kopen. Komt bij veel katholieken voor. Deze graven waren dus in eigendom en niet gehuurd.! Vervalt het eigendomsrecht door de wijziging van 1991 en later?

Antwoord:

Geachte heer,

Graven werden ook vroeger nooit gekocht en verkocht; de eigenaar van de ondergrond was en bleef altijd de eigenaar. De 'koper' verwierf alleen een gebruiksrecht.

Als sprake was van een 'uitsluitend gebruiksrecht', waarbij de rechthebbende mocht beschikken wie van alle plaatsen in het graf gebruik mochten maken, werd dit vaak wel een eigen graf genoemd. In de wet stond tot 1991 ook dat het hebben van een 'uitsluitend grafrecht' gelijk stond aan eigendom. Let op: het was geen eigendom, maar stond er gelijk aan.
Men moet echter bedenken dat dat een heel oude wettekst was, die stamt uit de jaren '60 van de 19e eeuw, dus zo'n 150 jaar geleden. In die tijd was het recht nog niet zo verfijnd als tegenwoordig en kende men weinig nuances in het eigendom c.q. beschikkingsrecht. Men sprak daarom echter wel lange tijd over het kopen van een graf, terwijl men eigenlijk alleen een soort gebruiksrecht kocht, niet het graf zelf. Dat gebruiksrecht kwam wel overeen met een soort huur. Althans in de ogen van niet-juristen. Juristen zullen eerder een vergelijking maken met erfdienstbaarheden of een recht van opstal dan met huur.

Men gebruikte de term 'koopgraf' ook wel voor een graf voor onbepaalde tijd (in de volksmond 'eeuwigdurend') omdat alle kosten vooraf werden afgekocht. Maar juridisch was en is dat geen juiste term. Je kunt het beter vergelijken met een eeuwigdurend afgekochte erfpacht of huur. Je koopt in ieder geval de grond (en dus het graf) zelf niet.

Voor koop van een graf (en dus de grond) zou ook altijd een transportakte van een notaris nodig zijn en inschrijving bij het kadaster. Er zijn naar schatting ruim 2 miljoen graven in Nederland en er zijn er ongeveer 3 bekend die echt gekocht zijn, met ondergrond. Dat is dus een verwaarloosbaar percentage en de uitzondering die de regel bevestigt.

Bij katholieken kwam het in de jaren 1928-1950 juist NIET veel voor dat graven gekocht - dat wil zeggen voor zeer lange periode uitgegeven - werden. Juist de katholieke begraafplaatsen hebben in die periode vaak graven voor relatief korte periodes uitgegeven, met beperkte mogelijkheden voor verleningen. Graven voor hele lange termijnen kwamen destijds juist relatief vaak voor in Hervormde kringen.
Op dit moment is dat naar verhouding nog steeds zo. Ik zou geen enkele RK begraafplaats kunnen noemen die graven voor onbepaalde tijd uitgeeft; wel tientallen protestantse begraafplaatsen die graven voor heel lange termijnen of voor onbepaalde tijd uitgeven.

U vraagt 'Vervalt het eigendomsrecht door de wijziging van 1991 en later?'.
Wel, er was dus nooit een eigendomsrecht. Maar de gebruiksrechten op graven die voor de wetswijziging van 1 juli 1991 al bestonden dienen volgens de wetswijziging geheel gerespecteerd te worden. Er is alleen een uitzondering gemaakt voor sterk verwaarloosde graven; als die niet worden opgeknapt mogen de rechten vervallen verklaard worden.

U ziet, zo'n eenvoudige vraag roept nogal wat historie op.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Stel een vraag:

Op dit moment is het stellen van nieuwe vragen tijdelijk niet mogelijk.