Twee urnen van een overledene begraven


19 oktober 2009

Vraag nummer: 6987  (oude nummer: 14113)

Geachte heer van der Putten.
Steeds vaker krijgen wij de vraag, of wij een urn kunnen opsplitsen in twee delen en deze twee delen op twee verschillende begraafplaatsen begraven.
Mij staat bij dat ik een urn alleen kan begraven als deze is voorzien van het crematie nummer. Dit kan ik slecht maar op een urn vermelden. De urn waar het steentje in zit. Is dit toch mogelijk? Is er een artikel waar ik kan nakijken hoe nu met het splitsen van asresten om te gaan. Ik weet niet hoe het U vergaat maar ik zie door de bomen het bos niet meer. Ik hoop spoedig van U iets te vernemen.
Met vriendelijke groet

X,
Crematorium Y

Antwoord:

Geachte heer,

De wet geeft eigenlijk al het antwoord. Artikel 58 van de Wlb zegt:
1.
Na de verbranding bergt de houder van het crematorium de as.
2.
De as wordt geborgen in één of meer asbussen. Een asbus wordt gesloten en op de bus worden de naam en de voorletters van de overledene, alsmede een registratienummer, in onuitwisbare letters en cijfers vermeld. Binnen twintig jaren na het plaatsen van dit opschrift mag het niet van een ongeopende asbus worden verwijderd of daarop onleesbaar worden gemaakt.

U kunt de as dus in 2 urnen bergen en beide urnen krijgen ieder een eigen registratienummer van het crematorium. 2 registratienummers corresponderen dan met 1 overledene. Het is overigens wel handig goed aan te tekenen dat er 2 asbussen zijn.

Maar ik begrijp waar uw dilemma zit. U bent als crematoriumhouder zeer gericht op het heel zorgvuldig omgaan met as en het goed identificeerbaar houden van as, en daarvoor gebruikt u het vuurvaste identificatiesteentje uit de as. En je kunt dat steentje moeilijk doormidden breken, want met een half steentje kun je niets meer.
Het punt is dat het niet meer nodig is om een vuurvast identificatiesteentje bij de as te voegen. Het steentje is zelfs niet meer verplicht in de wet opgenomen. Dat heeft een rare voorgeschiedenis. Vroeger was het een regel in het Crematiebesluit dat een vuurvast steentje met een uniek kenmerk mee moest worden gecremeerd. In 1991 is in de wet opgenomen dat men altijd, zowel bij begraven als bij cremeren, een vuurvast steentje mee moest geven. Voor begraven was dat onzinnig; zo'n steentje zou later in zoveel m3 zand nagenoeg onzichtbaar zijn en kon oplossen of verkruimelen (vuurvast is niet hetzelfde als waterbestendig). Later heeft men het hele steentje uit de wet gehaald. Niet met de bedoeling om het nooit meer te gebruiken, maar met de wetenschap dat crematoria dat steentje toch wel zouden gebruiken, ook als het niet expliciet voorgeschreven was.
Maar nu komt het: het is een goede gewoonte om het vuurvaste steentje altijd in de as te laten, maar het is sinds tien jaar geen voorschrift meer. U hoeft dus geen steentje in de urn te doen (maar ik zou het toch maar wel doen, het biedt extra zekerheid voor het geval het opschrift van de asbus onleesbaar geworden is). Maar bij twee urnen kunt u het bij een urn wel en de andere urn niet doen. Als u beide urnen maar een eigen registratienummer geeft.

Ik zou me kunnen voorstellen dat u als registratienummer op de asbus hetzelfde nummer gebruikt als het nummer van het vuurvaste crematiesteentje. Dan zou u op de asbussen dat nummer kunnen gebruiken met bijvoorbeeld een A en een B er achter.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Stel een vraag:

Naam *:  
E-mailadres *:
De titel van uw vraag *:
Uw vraag *:
* Wel verplicht, maar wordt niet gepubliceerd in de website (alleen uw vraag en antwoord).   Verzenden >