Inperken recht op schudden van een graf (en te krappe graven, grafrust en grafschennis)


17 december 2010

Vraag nummer: 7784  (oude nummer: 16269)

Geachte heer van der Putten,

Op een van onze begraafplaatsen geldt op grond van gewoonte het recht om 30 jaar na de laatste begraving het graf te schudden om daarin opnieuw te begraven. Dit recht is niet beschreven, maar stoelt op een gebruik dat meer dan 100 jaar terug gaat. Hier wordt enkele keren per jaar gebruik van gemaakt.

Vanwege de grotere afmetingen van de kisten en bekisting, komt het regelmatig voor, dat men buiten de oorspronkelijke afmetingen van het graf komt. De ruimte is plaatselijk zo krap, dat op de kopse kanten de aangrenzende graven worden geroerd c.q. men op de kist van aangrenzend graf stuit. Soms is dat een graf waarin minder dan 10 jaar geleden is begraven.

Uiteraard gaat men daar zorgvuldig mee om, maar desondanks hebben we daar toch wel moeite mee.

Vragen die we hierbij hebben:

1) Is in het aangegeven geval sprake van overtreding van de wettelijke grafrusttermijn?

2) Handelen we in strijd met de wet als we niet de in het besluit op de lijkbezorging genoemde 30cm tussenruimte tussen de (kopse zijden) van de graven in acht (kunnen nemen?

3) (hoe) kunnen we dit ongeschreven recht op schudden en herbegraven inperken?

n.b. er zijn in het betreffende vak ook eigen graven die nog leeg zijn, waar zich hetzelfde voordoet op moment dat de rechthebbende hier gebruik van wil maken.

Met vriendelijke groet,

Antwoord:

Geachte heer,

Alvorens op uw vragen in te gaan, zet ik even het juridisch kader op een rij.

De beheersverordening (mijn inziens ten onrechte gespeld als beheerverordening) voor de begraafplaatsen in uw gemeente uit 2009 zegt in artikel 30:
"3. De rechthebbende op een eigen graf of eigen kindergraf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om bij de ruiming de overblijfselen en eventuele aanwezige asbussen te verzamelen voor herbegraving in een ander graf."
Dat is een wat merkwaardige regeling. Een rechthebbende kan altijd overledenen laten herbegraven in een ander graf, op dezelfde of een andere begraafplaats. Maar alleen met vergunning van de burgemeester als bedoeld in artikel 29 Wlb.
Op het moment dat stoffelijke resten van overledenen zonder vergunning individueel mogen worden herbegraven, gaat u in tegen het systeem van de wet. Stoffelijke resten die geruimd worden en die niet traceerbaar 'anoniem' elders worden begraven, hebben geen vergunning nodig. Maar een herbegraving in een 'individueel' nieuw graf wel.

Deze bepaling in artikel 30 geeft geen recht meer op het laten schudden van het graf: het dieper in HETZELFDE graf herbegraven van stoffelijke resten.

Maar ik meen dat dit recht nog wel zou kunnen gelden voor oude graven, die voor 2009 zijn uitgegeven met dat recht.
Uw vorige beheersverordening uit 2002 bood in artikel 25 wel de mogelijkheid om graven te laten schudden. De aard van het grafrecht brengt met zich mee dat het recht om graven te schudden ook in 2010 nog kan bestaan.

En zo kom ik op het antwoord op u vraag 3: Kunnen we het recht op schudden beperken?
U hebt het al beperkt door het niet meer in de huidige verordening op te nemen. Dan geldt het dus niet meer voor graven die sinds 2009 werden en worden uitgegeven of voor graven die in 2009 of later worden verlengd op de voet van de nieuwe verordening. Zo krijg je een overgangstermijn en een soort sterfhuisconstructie, waarbij het overgangsrecht voor steeds minder graven geldt. Voor nieuwe graven en graven voor bepaalde tijd die worden verlengd, geldt het niet meer. Maar voor graven die voor onbepaalde tijd zijn uitgegeven helpt een wijziging van de verordening niet.
Ik begrijp trouwens niet waarom u van een 'ongeschreven recht' spreekt; in de verordening van 2002 staat het kunnen schudden van het graf gewoon beschreven. Misschien dat het in oudere verordeningen (van een of meer voorlopers van de huidige fusiegemeente) niet nadrukkelijk stond. Maar als het er niet eerder in stond, heeft de verordening van 2002 het geschreven recht geschapen.

Dan uw vraag 1.
Bij begravingen komt u soms in de ruimte van andere graven. De 30 cm ruimte die je tussen kisten aan moet houden, kan soms niet worden aangehouden. Zo vat ik het maar kort samen.
Hier is geen sprake van overtreding van de grafrust van de buurgraven, maar van een overtreding die in de buurt komt van grafschennis. Verstoring van grafrust zou zijn als u de stoffelijke resten binnen 10 jaar uit de (buur)graven zou nemen. Dat is niet aan de orde. Maar als je kisten met 30 cm aarde er om heen als graf beschouwt, wat mij juist lijkt, dan schendt je wel de ruimte van het graf. Grafschennis is strafbaar, maar alleen als het opzettelijk gebeurt.
(Artikel 149 Wetboek van Strafrecht luidt: Hij die opzettelijk een graf schendt of enig op een begraafplaats opgericht gedenkteken opzettelijk en wederrechtelijk vernielt of beschadigt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.) In uw geval is het schenden van de buurgraven geen doel of opzet, maar soms onvermijdbaar als u een verplichting wilt nakomen: een overledene begraven als de rechthebbende van een graf dat - geheel terecht - verlangt. Het schenden van een of meer buurgraven is uw situatie is niet strafbaar, maar natuurlijk wel onwenselijk.

Dan uw vraag 2: "Handelen we in strijd met de wet als we niet de in het besluit op de lijkbezorging genoemde 30 cm tussenruimte tussen de (kopse zijden) van de graven in acht nemen?" Nee.
In artikel 5 van het Besluit op de lijkbezorging staat in lid 1:
"1. De afstand tussen de graven onderling bedraagt ten minste dertig centimeter."
Dat geldt dus bij de uitgifte van graven, maar niet bij het begraven in een graf. De wetgever heeft geen regeling voor bestaande graven, waar door de forsere maat kisten dan dat in het verleden gangbaar was, dit soort problemen ontstaat. Althans niet in de sfeer dat je moet meten en onderzoeken of voldoende afstand tot andere kisten kan worden aangehouden. En is er geen consequentie aan verbonden als die afstand krap wordt.

Maar er is wel een andere regeling om dit soort onwenselijke situaties tegen te gaan, namelijk door (een deel van) de begraafplaats te sluiten. Dan kan er niet meer begraven worden in graven die eigenlijk te krap zijn. De graven kunnen dan wel in stand worden gehouden en er kunnen ook asbussen in worden bijgezet, maar geen kisten. Men hoeft niet een heel terrein als een blok te sluiten, maar men kan bekijken waar het nog begraven problemen kan opleveren en waar niet. Aan de randen van grafvelden of bij paden kan men soms een beetje ruimte er bij sprokkelen en zo toch niet in de problemen komen. Maar midden in grafvelden is het moeilijker.
Men kan een deel van de begraafplaats zo sluiten, dat men graven aanwijst waar het wel voor geldt en graven waar het niet voor hoeft te gelden.

Het sluiten heeft natuurlijk wel een consequentie, namelijk dat men rechthebbenden die nog zouden willen begraven, moet compenseren. Ik denk in dit soort situaties nooit aan geld, maar aan vergoeding in natura, namelijk dat men een ander graf op dezelfde of een andere begraafplaats krijgt, onder dezelfde voorwaarden. Waarbij ook op kosten van de gemeente het grafmonument wordt verplaatst en eventueel ook de stoffelijke resten van eerder in een graf begraven personen naar het nieuwe graf worden overgebracht.
Als je zoiets kunt doen in een schaakbord-patroon, waarbij je alle 'witte' graven sluit, krijg je meteen voor de 'zwarte' graven de nodige extra ruimte.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Stel een vraag:

Op dit moment is het stellen van nieuwe vragen tijdelijk niet mogelijk.