Nieuwe wet; toestemming rechthebbende voor ruimen


16 januari 2010

Vraag nummer: 7246  (oude nummer: 14827)

Ik lees in de Wet op de lijkbezorging dat voor het ruimen van een graf toestemming nodig is van de rechthebbende.
Echter in een van uw antwoorden schrijft u “Ik zou zeker in het reglement vastleggen dat het bestuur gerechtigd om grafmonumenten na afloop van het grafrecht te doen verwijderen en te doen vernietigen” waaruit ik concludeer dat die toestemming niet nodig is. Is dit correct?
M.v.g.
J. Smeets

Antwoord:

Geachte heer,

De toestemming is inderdaad niet nodig. Maar we hebben het over twee verschillende situaties.

In artikel 31, lid 2, van de Wet op de lijkbezorging staat: "Het ruimen geschiedt niet dan op last van de houder van de begraafplaats en na verloop van tien jaar nadat in het graf laatstelijk een lijk is geplaatst, en, indien het een particulier graf betreft, met toestemming van de rechthebbende op het graf." Dit laatste, toestemming van de rechthebbende, is nodig als er nog grafrechten op het graf rusten. U kunt daarbij bijvoorbeeld denken aan een graf voor onbepaalde tijd, waar de familie geen behoefte meer aan heeft en dat de begraafplaatshouder graag terug zou willen hebben. Die kan het graf dan ruimen met toestemming van de rechthebbende. Of de rechthebbende kan er afstand van doen.

Waar ik over schreef in een eerder antwoord, was de situatie dat de grafrechten al verstreken waren. Er is dan geen rechthebbende meer, dus hoeft een (voormalige) rechthebbende geen toestemming voor de ruiming van het graf meer te geven. Hij heeft geen rechten meer.

Maar het is wel veilig om in het beheersreglement vast te leggen dat het bestuur gerechtigd is om grafmonumenten na afloop van het grafrecht te doen verwijderen en te doen vernietigen. Dat is sinds 1 januari 2010 extra verstandig, omdat vanaf die datum de wet zo veranderd is dat de eigendom van grafmonumenten blijft bij de persoon die dat monument heeft laten plaatsen. Dan krijg je misschien onduidelijke situaties nadat het grafrecht verlopen is, want het zit het dan met dat eigendom? Blijft dat eigendomsrecht bij die eigenaar of geldt dan toch de normale natrekkingsregel?
Als ik kijk naar de tekst van artikel 32a van de Wlb ("Gedurende de periode dat een graf niet geruimd mag worden, is artikel 20, eerste lid, aanhef en onder e en f, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing op hetgeen op dat graf is geplaatst") is de werking van artikel 32a afgelopen als het grafrecht beëindigd is. En dan geldt natrekking: alles wat duurzaam met de grond verenigd is, behoort tot het eigendom van de grond. De eigenaar van het monument of de beplanting verliest zijn eigendom, wanneer het grafrecht eindigt en het graf geruimd mag worden.
Dit geldt zowel voor algemene graven als voor eigen/particuliere graven.

Dat zal menig eigenaar niet direct beseffen. Het lijkt me verstandig om dan gewoon maar scherp in het beheersreglement te stellen dat grafmonumenten na afloop van het grafrecht verwijderd en vernietigd kunnen worden. Dat legt ook druk op de rechthebbende en de eigenaar van het monument om het eerder te verwijderen, als hij er nog iets mee wil.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Stel een vraag:

Op dit moment is het stellen van nieuwe vragen tijdelijk niet mogelijk.