Wettelijke termijn verlengen grafrecht


20 april 2011

Vraag nummer: 24644  (oude nummer: 16645)

geachte heer v.d.PUTTEN,

Mijn vader is overleden in 1990, wij betalen om de 10 jaar grafrecht. Onlangs is mijn moeder overleden 26 maart 2011. Ik had even daarvoor van de parochie een brief ontvangen of ik de grafrechten weer voor 10 jaar wilde verlengen. Door onenigheid in het kerkbestuur bleef het nieuwe contract lang uit, heb ik tot op heden nog niet. Maar in de tussentijd overleed mijn moeder en zij werd bij mijn vader begraven. Nu krijg ik ineens een rekening voor 20 jaar grafrecht , terwijl wij graag een contract willen voor 10 jaar. Wat is Uw advies in deze.
met vriendelijke groet
j.Willems.

Antwoord:

Geachte heer of mevrouw,

Het is lastig dit te beoordelen, want dan moet je de grafakte en het beheersreglement van de begraafplaats bekijken.

Sinds 1991 was het wettelijk voorschrift dat een eigen graf voor een minimumperiode van 20 jaar moest worden uitgegeven. In 1990 gold die regel nog niet, dus was het mogelijk om een graf voor 10 jaar uit te geven en om dat in 2000 en in 2010 te verlengen voor 10 jaar. Stel dat in 2010 al wel verlengd zou zijn, tot 2020, dan had de begraafplaats zich op het standpunt kunnen stellen dat na de begraving van moeder in 2011 het grafrecht weer verlengd zou moeten worden. Er is namelijk een wettelijke termijn van grafrust van 10 jaar en zou de verlenging tot 2020 net 1 jaar te kort zijn. Want uw moeder moet minstens 10 jaar begraven blijven.
Een begraafplaats kan de regel hanteren dat men telkens per termijnen van 10 jaar verlengt omdat men niet met losse jaren wil 'rommelen'. Per jaar verlengen mag trouwens ook niet meer, sinds de Tweede Kamer bij een wetswijziging die op 1 januari 2010 is ingegaan heeft bepaald dat 5 jaar de minimum-termijn is en 20 jaar de maximum-termijn voor verlengingen.

Als de begraafplaatshouder in zijn reglement heeft staan dat men telkens alleen in termijnen van 10 jaar verlengt, dan is het correct om nu meteen een verlenging van 2010 tot 2030 te verlangen. Het zou anders een verlenging van 2020 tot 2030 zijn, als vorig jaar al 2010-2020 geregeld zou zijn.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Stel een vraag:

Naam *:  
E-mailadres *:
De titel van uw vraag *:
Uw vraag *:
* Wel verplicht, maar wordt niet gepubliceerd in de website (alleen uw vraag en antwoord).   Verzenden >