Obductie
Onderzoek om de doodsoorzaak vast te stellen
Wat is obductie?
Obductie is onderzoek van het lichaam na overlijden om vast te stellen waaraan iemand is overleden en om ziekteprocessen beter te begrijpen. Dit onderzoek wordt ook sectie, lijkopening, lijkschouw of autopsie genoemd. Een patholoog voert het onderzoek uit: een arts die hierin gespecialiseerd is.
Bij een obductie vindt zowel uitwendig als inwendig onderzoek plaats. De patholoog begint altijd met een zorgvuldig uitwendig onderzoek. Daarna volgt het inwendige onderzoek, waarbij vrijwel alle organen worden bekeken. Soms maakt ook onderzoek van de hersenen deel uit van de obductie. Net als bij een gewone operatie gebeurt dit zo zorgvuldig dat er na afloop vrijwel niets van te zien is.
Is er geen vermoeden van een onnatuurlijke dood, dan vraagt de arts altijd eerst toestemming aan de nabestaanden.
Belangrijk om te weten
Legt doodsoorzaak vast
Helpt erfelijke ziektes te ontdekken
Niet alle organen worden teruggeplaatst
Voor obductie is toestemming nodig van nabestaanden
Waarom een obductie?
Met een obductie wordt de exacte doodsoorzaak vastgesteld, maar het onderzoek gaat vaak verder dan dat. Zo kan blijken of er sprake is van een erfelijke of besmettelijke ziekte. Voor nabestaanden kan onduidelijkheid over het overlijden het rouwproces bemoeilijken. Vragen blijven dan onbeantwoord. Een obductie kan die duidelijkheid geven en rust brengen.
Daarnaast kan een obductie laten zien of de medische behandeling passend en correct is geweest. Voor de overledene zelf heeft het onderzoek geen betekenis meer, maar toekomstige patiënten kunnen er wél van profiteren. Artsen en wetenschappers gebruiken de inzichten om behandelingen te verbeteren en medische kennis verder te ontwikkelen. Een groot deel van wat we vandaag weten in de geneeskunde is mede gebaseerd op obductieonderzoek.
Het onderzoek
Na toestemming van de familie wordt het lichaam overgebracht naar het mortuarium, meestal in het ziekenhuis. Het onderzoek vindt doorgaans binnen één werkdag plaats.
Tijdens de obductie opent de patholoog het lichaam en onderzoekt de organen één voor één. Elk orgaan wordt bekeken, gewogen en ingesneden om ook de binnenkant te beoordelen. Omdat niet alle afwijkingen met het blote oog zichtbaar zijn, wordt uit elk orgaan een klein stukje weefsel genomen voor microscopisch onderzoek.
Na afloop plaatst de patholoog de organen terug in het lichaam, behalve de organen waarvan het onderzoek nog loopt. Vervolgens wordt het lichaam zorgvuldig gesloten en overgedragen aan de uitvaartverzorger, die zorgt voor het vervoer naar huis of het uitvaartcentrum.
Opbaren na obductie
Bij het opbaren is meestal niets meer te zien van de obductie. De kleding bedekt de plaats waar het lichaam is geopend. Alleen bij kale personen waarbij hersenonderzoek heeft plaatsgevonden, kan dit soms zichtbaar zijn. Vind je dat bezwaarlijk, dan kun je dit vooraf met de arts bespreken. In overleg kan worden afgezien van hersenonderzoek of kan gekozen worden voor een gedeeltelijke obductie.
Wat gebeurt er met niet teruggeplaatste organen
Organen die niet direct worden teruggeplaatst, worden later in opdracht van het ziekenhuis gecremeerd. Vaak gebeurt dit gezamenlijk met andere organen. In uitzonderlijke gevallen wordt (een deel van) een orgaan bewaard voor onderwijsdoeleinden, bijvoorbeeld wanneer het duidelijk een ziektebeeld laat zien. Dit gebeurt niet vaak, maar kan waardevol zijn voor het onderwijs aan medische studenten en zorgverleners.
Het is belangrijk dat je je realiseert dat niet altijd alle organen worden teruggeplaatst. Heb je hier bezwaar tegen, dan kun je dit bespreken met de arts. Als het bezwaar invloed heeft op de uitkomst van het onderzoek, zoekt de arts samen met jou naar een aanvaardbare oplossing.
Verschil tussen obductie en sectie
Medisch gezien is er geen verschil tussen obductie en sectie. Het verschil zit in de procedure. Bij obductie is toestemming van de nabestaanden nodig. Sectie is een gerechtelijk onderzoek dat wordt opgelegd door de officier van justitie. Hierbij is geen toestemming van de familie vereist. Dit gebeurt wanneer een onnatuurlijke doodsoorzaak niet kan worden uitgesloten. Sectie wordt meestal uitgevoerd door het Nederlands Forensisch Instituut.
Uitleg door Manon van het mortuarium van het Spaarne Gasthuis
Een obductie wordt aangevraagd door een arts of familielid van de overleden patiënt. Deze aanvraag kan verschillende redenen hebben; het overlijden is onduidelijk, er is een vraag naar onderliggend lijden of de arts wil graag weten of het medisch handelen heeft aangeslagen.
De arts vult een aanvraag voor obductie in en familie ondertekend voor toestemming.
Tijdens een obductie wordt het lichaam eerst uitwendig geschouwd, hierbij wordt gekeken naar o.a. wondjes en littekens. Zo krijgen we een beeld van eventuele eerdere operaties en wat we kunnen verwachten. Het lichaam wordt opengemaakt via de bekende Y-snede. Het borstbeen wordt vervolgens gelicht, waarna de organen per blok verwijderd worden.
Het eerst blok bestaat uit het hart en de longen. Hierna wordt het darm pakket verwijderd. Het volgende blok bestaat uit de lever, galblaas, maag, alvleesklier en milt. Als deze organen verwijderd zijn blijft het laatste blok over; de aorta, nieren, blaas en prostaat/uterus. Als de vraagstelling daar naar is, verrichten we ook een schedel sectie.
De patholoog gaat nu per orgaan kijken of er afwijkingen te vinden zijn. Ze sluiten van elk orgaan een stukje in, zoals we dat noemen. Dit houdt in dat er een klein stukje weefsel in een cassette gaat, welke verder boven op de histologie wordt geprepareerd.
Als de patholoog klaar is, worden de organen teruggeplaatst in het lichaam. De enige uitzondering zijn de hersenen, die worden volledig bewaard. Na het terugplaatsen wordt het lichaam dicht gehecht gewassen en de wonden afgeplakt.
Patiënt krijgen altijd een ziekenhuis jasje aan, zo kunnen ze waardig ins mortuarium verlaten, door naar de uitvaartondernemer of terug naar huis. Na afronding van de obductie, wordt de obductie zaal en het instrumentarium natuurlijk weer grondig schoongemaakt en gedesinfecteerd.