Harry

Harry heeft in mijn gezin veel beroering gebracht. Op een goede dag kwam hij een paar dagen logeren. De buren, bij wie Harry feitelijk woonde, gingen korte tijd op reis en of wij in die periode voor de hamster wilde zorgen.


Met name voor Harry was dat erg spannend, behalve mijn vier bloedjes lopen er ook nog vier poezen door het huis. Harry was als het ware op safari. Wij zagen uit naar de ontmoeting en gelukkig ging alles goed. De poezen staken wel af en toe een pootje door de tralies maar er zijn wederzijds geen ongelukken gebeurd.

Mijn toen nog-net-niet ex-echtgenoot kreeg wel bijna een hartverzwakking toen de kinderen hem juichend tegemoet kwamen om te vertellen dat Harry bij ons logeerde. Nadat hij begreep dat Harry niet mijn nieuwe liefde was maar de hamster ging het meteen veel beter.

De eerste logeerpartij beviel goed. Er volgde er meer. De laatste keer dat we Harry onderdak verschafte was hij erg tam en liet zich nauwelijks zien of horen. Dat maakte me een beetje ongerust. Mede omdat hamsters gemiddeld een jaar of twee worden en Harry deze leeftijd reeds bereikt had.

Enige dagen later stond de buurman op de stoep om te vertellen dat het niet zo goed met Harry ging en dat hij waarschijnlijk aan zijn laatste dagen bezig was. Toen het bericht kwam dat Harry het aardse bestaan voor het eeuwige had verwisseld werden we er allemaal een beetje stil van.

Er moest een afscheidsritueel georganiseerd worden. ’s Avonds tegen zevenen, het was al donker, togen we met een kleine stoet (zes kinderen en vier volwassenen) met Harry in een doosje richting park. Daar heeft mijn zoon onder een struik een kuil gegraven. Buurman legde Harry er in, waarna we om de beurt vertelden waarom we Harry lief hadden gevonden. Daarna mocht iedereen een schepje aarde op het grafje gooien. Op de terugweg hebben we gesproken over wat er nou toch met Harry gebeurd was. Bij de buren werd limonade geserveerd en plakjes cake en er werd voorgelezen uit “Dat is heel wat voor een kat, vind je niet?” van Judith Viorst. Waarna we elk ons weegs gingen.

Misschien lijkt zo’n afscheidsritueel voor een hamster een tikkeltje overdreven. Het was dan ook vooral bedoeld voor de kinderen. Ik denk dat het belangrijk is dat je je kinderen de ruimte geeft om te rouwen. Als er meteen een nieuwe vis/hamster/cavia/poes komt terwijl de vorige net dood is, leer je een kind niet dat je verdrietig mag zijn om je huisdier. Vaak is het ook zo dat ouders grote moeite hebben met het verdriet van hun kinderen. Maar als kinderen al niet verdrietig mogen zijn om hun huisdier, hoe is dat dan als opa of oma of een broertje of zusje sterft?

Ouders willen hun kinderen voor pijn behoeden, maar rouwen moet je ook leren. Door je kinderen de ruimte te geven verdriet te hebben om een verloren knuffel, een weggelopen of overleden huisdier geef je ze alvast wat bagage mee om ook te kunnen rouwen om een dierbare. Om verdriet kun je niet heen, de enige manier om verdriet te verwerken is om de pijn daadwerkelijk te voelen. Nog altijd geldt daarbij dat gedeelde smart halve smart is. En is het ook niet mooi om met elkaar herinneringen op te halen. Weet je nog … toen … Want herinneringen, die geven troost.